2019-08-27 Johan Meijering overweegt cassatie in de zaak Meijering-Van Loenen

PERSBERICHT

Johan Meijering overweegt cassatie in de zaak Meijering-Van Loenen

Groningen, 27 augustus 2019

Naar aanleiding van het arrest van het gerechtshof Leeuwarden op 23 juli 2019 inzake het hoger beroep van de tot nu toe toegekende schade in de zgn. ‘schadeprocedure’ overweegt Johan Meijering om in cassatie te gaan bij de Hoge Raad in Den Haag. Meijering heeft alleen de schade ontvangen voor de twee schilderijen die door het gerechtshof Leeuwarden vals zijn verklaard, een totaalbedrag van € 86.164,15, terwijl de waarde van de vijf betwiste schilderijen nul euro bedraagt!

Nu de rook en de kruitdampen inmiddels zijn opgetrokken, is Meijering inmiddels in gesprek met een advocaat uit Den Haag, gespecialiseerd in cassatiezaken, om uit te zoeken welke mogelijkheden er in deze kwestie zijn. En ook of de kosten van dit laatste rechtsmiddel bij de Hoge Raad in Den Haag financieel te dragen zijn. Meijering is bezig te onderzoeken of het naar zijn mening onjuiste vonnis van de rechtbank Assen op 19 november 2014 en aansluitend het arrest van het gerechtshof Leeuwarden op 23 juli 2019 via een cassatie alsnog kan worden rechtgetrokken wegens verzuim van vormen en schending van het recht.

Volgens Meijering is het arrest van het gerechtshof Leeuwarden op 23 juli 2019 onbegrijpelijk en doet het geen recht aan deze jarenlang durende zaak en nachtmerrie: “Geen enkele schade is toegekend aan drie schilderijen die alleen ‘twijfelachtig’ zijn verklaard. We hebben het qua schade dan onder meer over de koopsommen, de kosten voor technisch onderzoek, de wettelijke rente en alle kosten die in direct verband staan met deze drie schilderijen. De waarde is nul euro van deze werken volgens twee taxatierapporten van onafhankelijke deskundigen.

Ik ben van mening dat er geen “twijfelachtige” schilderijen bestaan. Een schilderij is òf authentiek òf het is vals. Na 17 jaar procederen staan we op dit onderdeel met lege handen en worden door het gerechtshof Leeuwarden keihard het bos ingestuurd. Ik ben juist gaan procederen om helderheid te krijgen in deze kunstvete en niet om met een financiële kater achter te blijven.

De rechtbank Assen heeft in haar vonnis op 19 november 2014 volgens mijn advocaat een ernstige fout heeft gemaakt in mijn nadeel bij de toekenning van mijn reële schade.
Punt 2.11. van het vonnis is volstrekt onjuist.

Citaat:
“Subsidiaire vordering 2.11. De rechtbank gaat er, gelet op de ontwikkeling van het debat van partijen, in het bijzonder de conclusie van repliek en de door Meijering ter comparitie bij het gerechtshof genomen akte, welke nadien bij de rechtbank is overgelegd, vanuit dat de subsidiaire vordering van Meijering tot voldoening van de koopsom van de (overige) schilderijen vermeerderde met rente, door Meijering niet meer wordt gehandhaafd.”
In een reactie van mijn advocaat aan de advocaat van het echtpaar Van Loenen op 5 december 2014 schrijft deze onder meer:

‘lk merk daarbij voor de goede orde op dat de rechtbank Assen overigens ten onrechte de subsidiaire vordering buiten beschouwing heeft gelaten.’

Juist vanwege deze fout ben ik in de schadeprocedure in hoger beroep gegaan bij het gerechtshof Leeuwarden.
Mogelijk is deze fout bij de rechtbank Assen ontstaan doordat de rechter die deze zaak behandelde (in eerste instantie) met pensioen was gegaan. Hoe dan ook ben ik een (aanvullend) schadebedrag misgelopen van naar schatting totaal tussen de € 50.000 en € 100.000.

In ieder geval voel ik mij zeer gedupeerd door de fout van de rechtbank Assen en het feit dat het gerechtshof Leeuwarden daar niets mee heeft gedaan, mogelijk geen zin had om de gemaakte fout van de rechtbank Assen recht te zetten! Je kunt je voorstellen dat ik deze rechtsgang achteraf beschouw als een ‘Russische roulette’ in overigens, en dat mag gezegd worden, een slangenkuil / wespennest.” Procederen bij aantoonbare kunstfraude kan ik niemand aanbevelen omdat je geen idee hebt in wat voor horrorscenario je terechtkomt.

Valse schilderijen in musea
Van diverse intimi uit de kunstwereld heb ik vernomen, dat er in de musea partijen valse schilderijen zijn opgeslagen. Waarschijnlijk, zo werd mij verteld, ook bij het Groninger museum. Door de strijd aan te binden tegen valse kunst kom je heel dicht in de buurt van instellingen, zoals musea, die angstvallig de deur dichthouden. Dit verklaart mogelijk het feit van de directie van het Groninger Museum om medewerking te weigeren om de strijd tegen valse kunst aan te binden.”

Scroll Up